Over jazz en blues heb ik het de afgelopen maanden nog niet heel erg intensief gehad. In juli is het bekendste jazzfestival North Sea Jazz. Al jaren in Rotterdam, maar begonnen en groot geworden in Den Haag. 1976 is de eerste editie, ik ben pas in 1991 voor het eerst naar dat festival geweest. Van jazz heb ik dan nog maar weinig verstand, van blues en soul iets meer. Ik ga 1 avond, vrijdag 12 juli.

Twee dagen later, op zondag 14 juli, opent Miles Davis in de Statenhal de laatste avond van de 1991 editie van het festival. Het is tegelijk ook zijn laatste optreden op North Sea Jazz, want in september 1991 overlijdt de beste man. Ik heb hem dus helaas nooit live gezien. Datzelfde geldt ook voor de twee andere helden van vandaag, Jaco Pastorius en Gil Evans.

Pianist Herbie Hancock, bassist Ron Carter, drummer Tony Williams en saxofonist Wayne Shorter (ooit bekend als The Second Great Quintet van Miles Davis) zie ik een jaar later wel op het North Sea Jazz festival. Met trompettist Wallace Roney die -heel dapper- optreedt als plaatsvervanger van Miles tijdens een groots eerbetoon aan hun grote voorbeeld. Op YouTube staat een deel van dat concert op het North Sea Jazz festival. En nog een keertje dezelfde club met hetzelfde programma, alleen dan opgenomen in München. En hier zijn de heren met datzelfde programma van wederom een andere datum ook nog eens te beluisteren op Spotify. Met dat album winnen ze in 1994 een Grammy award. Ik weet dat ik nog dagen naderhand volledig van de aarde ben, met name door dat optreden. Vooral die golven van energie die drummer Tony Williams loslaat over zijn collega's en het publiek, bijna buitenaards. Van die heren leven nu alleen Herbie Hancock en Ron Carter nog.

Van de muziek van Miles heb ik al eens eerder een Spotify lijstje gemaakt. Maar als ik eerlijk ben, mijn twee meest favoriete Miles Davis albums komen al snel nadat ik deze tribute op North Sea Jazz heb gezien.

Bij de Wassenaarse bieb leen ik daags na het festival de CD Filles De Kilimanjaro. Miles met -op Wallace Roney na- alle bovengenoemde heren op hun laatste gezamenlijke album. Op twee nummers van het album zijn Chick Corea en Dave Holland te horen. Die mannen heb ik in 1992 (Chick) en 1993 (Dave) ook live gezien op North Sea Jazz festival.

Het album is in feite opgenomen als een soort suite. Mademoiselle Mabry, de afsluiter van het album, is vernoemd naar Betty Mabry, de dame die tevens op de hoesfoto staat. Zij is in september 1968 met Miles Davis getrouwd en degene die Miles laat warm lopen voor muzikanten als Sly Stone, The Chambers Brothers, maar vooral Jimi Hendrix.

Miles beschuldigt haar begin 1969 van een affaire met Hendrix en het huwelijk loopt al snel ten einde. Betty houdt echter wel vast aan haar nieuwe achternaam en neemt in de jaren 1970 een aantal prima funkplaten op onder de naam Betty Davis.

Het album Filles De Kilimanjaro, opgenomen in deze zelfde periode laat Miles horen als jazzmuzikant die langzamerhand steeds meer de rockkant opschuift. Toch is het eigenlijk geen van beide op dit album. Er hangt een heel apart broeierig sfeertje in het hele album. En ook hier weer dat fantastische drumwerk van Tony Williams waarmee hij de hele club aanvuurt of juist afremt, helemaal dienend aan wat de muziek op dat moment vraagt.

De andere - veel logischer - Miles Davis aanrader is Kind Of Blue. Door iedereen die er verstand van zegt te hebben uitgeroepen tot Miles Davis beste album, beste jazz album ooit en meer van dat soort hyperbolen. Een album waar zelfs boeken over zijn volgeschreven. Miles heeft er zelf niet zoveel schrijfwerk aan besteed. Een paar schetsen van toonladders en melodielijnen. En dan maar improviseren jongens. Net als Filles De Kilimanjaro is dit ook een album met een heel apart sfeertje. Dit is Miles Davis met Cannonball Adderley en John Coltrane op saxofoon, Bill Evans (geen familie van Gil Evans) of Wynton Kelly op piano, Paul Chambers op bas en Jimmy Cobb op drums.

Ik heb die twee albums (zonder bonustracks) in chronologische volgorde achter elkaar gezet in dit Spotify lijstje en dan kom je aan net iets meer dan 100 minuten muziek. En aangezien Miles op 26 mei 100 jaar zou zijn geworden, is dat eigenlijk best toepasselijk.

Mijn eerstgenoemde Miles Davis lijstje sluit af met Mr. Pastorius. En dat nummer is weer een eerbetoon aan Jaco Pastorius, een andere held waarover ik het vandaag wil hebben. Hij zou dit jaar 75 zijn geworden.

Bassist Marcus Miller speelt op dat moment in de band van Miles Davis. Hij schrijft Mr. Pastorius als eerbetoon aan zijn dan net overleden collega. Jaco is een groot liefhebber van de muziek van Miles Davis, maar ze spelen nooit samen. Wel speelt Pastorius in Weather Report, de band van Wayne Shorter en een andere Miles Davis toetsenist Joe Zawinul. En op Jaco's twee soloplaten speelt Herbie Hancock mee. En Jaco is net als Miles Davis erg gecharmeerd van Gil Evans en Jimi Hendrix.

Miles neemt een aantal platen op waarbij de muzikale leiding door Gil Evans wordt gedaan. Niet de minste werken uit zijn catalogus ook, Birth Of The Cool, Miles Ahead, Porgy & Bess, Sketches Of Spain en Quiet Nights. Op Filles De Kilimanjaro opent Petits Machins met een stuk dat ook door Gil Evans is geschreven (al staat dat dan niet in de credits). Dat nummer heet Eleven.

Jaco Pastorius speelt datzelfde Eleven graag live en zeker als hij samen met Gil Evans optreed op een festival in Japan. Jaco is dan al flink in de war door een verwoestende combinatie van drank, drugs en een dan nog niet ontdekte bipolaire stoornis. Hij komt op met ontbloot bovenlijf en ingesmeerd met modder. Het staat het spelplezier en de kwaliteit verder niet in de weg, maar het zijn van die vreemde details die graag worden uitvergroot.

In de setlist van dat concert wordt Eleven gekoppeld aan Here Comes The Honeyman (uit Porgy & Bess) en staan daarnaast ook twee lange improvisaties over de Jimi Hendrix nummers Stone Free en Up From The Skies. 

Mijn eerste kennismaking met de muziek van Gil Evans komt ook kort na mijn eerste keer North Sea Jazz. Ik koop de CD Live At Sweet Basil's van Gill Evans & The Monday Night Orchestra voor een appel en een ei bij platenzaak Jazz Inn in Den Haag. Ik weet niet wat ik hoor als ik dat album voor de eerste keer opzet. Een big band die helemaal losgaat in lange, vaak chaotisch klinkende improvisaties. Na een paar keer draaien, beginnen er toch wat nummers te beklijven. Het album krijgt al snel een deel 2 en een later opgenomen deel 3 met de titel Bud and Bird.

De albums zijn op Spotify wat lastig te vinden, want ze staan er alleen op met alle nummers en de uitvoerende artiesten vermeld in het Japans. Gelukkig heeft een andere liefhebber die drie albums achter elkaar in een lijstje gezet met in elk geval een omschrijving waarmee je ze alsnog kunt vinden. De muziek op deze albums is opgenomen in jazzclub Sweet Basil's en die van de eerste twee albums fungeert als voorbereiding voor het concert dat Jaco Pastorius en Gil Evans op dat jazzfestival in Japan geven. Jaco is op de Gil Evans cd's niet te horen, maar hij schuift dan wel met regelmaat aan bij die maandagavond concerten. Hier op YouTube een opname van zo'n concert met Jaco er wel bij, opgenomen in Sweet Basil's.

In het Spotify lijstje van Gil Evans ruimte voor zowel zijn eigen werk, zijn werk met Miles Davis en met Jaco Pastorius. Voor wie het Japans niet machtig is, de twee nummers van Live At Sweet Basil's zijn Orange Was the Color of Her Dress, Then Silk Blue (Charles Mingus) en Up From The Skies (Jimi Hendrix). Van de andere albums krijg je de door Gil Evans geschreven nummers Jelly Roll (Sweet Basil, part 2) en van het album Bud and Bird hoor je het titelnummer.

Een van de laatste sessies uit het leven van Gil Evans is met Sting. Gil is te horen op ...Nothing Like The Sun, de tweede soloplaat van Sting. In een cover van Little Wing van (je raadt het nooit) Jimi Hendrix. Sting treedt in 1987 op met Gil Evans Orchestra op Umbria jazzfestival. Opnames daarvan verschijnen onofficieel als Strange Fruit (dvd) of The Last Session (cd). Dat album staat wel op YouTube en niet op Spotify. Sting krijgt in diezelfde tijd nogal wat vegen uit de pan van Miles Davis, lees maar hier.

Aan het einde van de Gil Evans lijst duikt Miles Davis toch opnieuw op. Miles wil tijdens zijn leven eigenlijk nooit terugblikken op zijn eigen muzikale verleden. Hij moet immers altijd vooruit. Toch maakt hij op 8 juli 1991 eenmalig een uitzondering tijdens het Montreux jazzfestival. Samen met bandleider Quincy Jones en op trompet ondersteund door Wallace Roney (vanwege de dan al broze gezondheid van Miles). Met een enorme band spelen ze een selectie van de muziek die Miles samen met Gil Evans heeft opgenomen. En dat is dan weer het laatste album waaraan Miles heeft meegewerkt.

Tot slot, als laatste lijstje van vandaag, deze van Jaco Pastorius. Die verloopt ongeveer chronologisch, van Jaco's eerste opnames, zijn eerste solo album compleet, samenwerkingen met artiesten als Paul Bley, Joni Mitchell, Pat Metheny en Ian Hunter, de albums die hij opneemt met Weather Report, het Trio Of Doom album met Tony Williams op drums en John McLaughlin op gitaar, zijn tweede soloalbum Word Of Mouth en later werk, solo en met artiesten als Mike Stern, Biréli Lagrène, Gil Evans, Hiram Bullock en Kenwood Dennard.

Mijn eerste kennismaking met Jaco Pastorius is met deel 1 uit de onofficiële serie Live In New York City (daarvan bestaan 7 delen), op die cd's veel ruimte voor die twee laatstgenoemde muzikanten, gitarist Hiram Bullock en drummer Kenwood Dennard.

Kenwood Dennard speelt in 1992 in de band van Maceo Parker tijdens North Sea Jazz festival, zie de video van dat concert hier. In het publiek staat vooraan een wat kalende man in een roze/rood overhemd met korte mouwen. Voor het eerst in beeld rond 6:30 minuten, helemaal links. Die vent heeft ook wel een bekende kop... 

En gitarist Hiram Bullock heeft dan weer meegewerkt op ...Nothing Like The Sun, diezelfde plaat van Sting waarop Gil Evans ook te horen is.

Walt Disney zei het al: It's a small world after all...

Ga ervan genieten